Hendrik Driessen is sinds 1989 directeur en hoofdconservator van het particuliere museum De Pont in Tilburg. In die dertig jaar zette hij een geheel nieuw museum op en organiseerde hij een indrukwekkend scala aan tentoonstellingen, waardoor De Pont uitgroeide tot een internationaal gerenommeerd museum met bijna 119.000 bezoekers in 2018. In juni van dit jaar neemt hij afscheid: de hoogste tijd om nog een keer over kunst te praten dus!

“Cultuur is het dunste laagje om ons heen, maar het maakt ons tot wie we zijn.”

Wat betekent kunst voor u?

“Ik denk dat we zonder kunst, en dat gaat wat mij betreft over alle uitingen die niet met directe levensbehoeften te maken hebben, geen mensen zouden zijn en een heel ander beeld zouden hebben van de wereld om ons heen. Daar moet ik overigens bij aantekenen dat kunst voor mij een eerste levensbehoefte is. Ik denk dat de wereld beleefbaar, duidbaar en invoelbaar wordt, doordat we daar zelf vorm aan geven. Beelden en woorden bieden ons een aanknopingspunt om daarmee om te gaan.”

Kunt u daar een concreet voorbeeld van noemen in uw eigen leven?

“Het is lastig om er een specifiek voorbeeld uit te halen. Het is bijvoorbeeld de ervaring die ik op een gegeven moment kreeg toen ik als klein jongetje het Teylers Museum binnenliep. In een vitrine achter een gordijntje zag ik een tekening van het menselijk lichaam, wat later een Michelangelo bleek te zijn. Ik had nog nooit van hem gehoord, maar die tekening raakte mij enorm door de virtuositeit en de ongelofelijke liefde van de kunstenaar voor het menselijk lichaam, voor dat prachtige apparaat dat we hebben gekregen om lijfelijk door die wereld te gaan. Dat is hoe mijn aanwijsbare liefde voor kunst is begonnen, maar het is veel complexer dan dat.”

“Ik kijk nu bijvoorbeeld naar mijn kleindochter van drie en een half die al voorleest uit een boek, terwijl ze nog helemaal niet kan lezen. Op basis van de verhalen die haar vader en moeder haar vertellen, maakt ze haar eigen verhalen. Dat helpt haar grip krijgen op de wereld, het ontwikkelt haar fantasie en verbeelding, en dat is heel belangrijk. “

Kunst is voor u een eerste levensbehoefte. Hoopt u dat ook voor uw kleindochter?

“Ik wens dat iederéén toe. Alles wat wij gebruiken, of het nu een auto of vulpen is, het zijn allemaal dingen die mensen hebben bedacht en die er ooit niet waren. Alles heeft een vorm gekregen, omdat iemand er ooit over na heeft gedacht. Zelfs de meest notoire kunst-geheelonthouder heeft er dagelijks mee te maken.”

Hebben uw ervaringen met kunst u als mens naar andere mensen veranderd?

“Ja, dat denk en hoop ik wel. Voor kunst is een open houding en empathische instelling gewenst. Iedereen heeft weleens een dag dat ‘ie een lul is, niemand is altijd een engel. Maar als je de nieuwsgierigheid bezit om naar kunst te kunnen kijken, dan sta je ook open voor andere mensen en meningen. Dan ben je bereid om compromissen te sluiten en om samen te leven.”

Over de samenleving gesproken: heeft u in de afgelopen 25 jaar dingen zien veranderen in de menselijke behoefte naar kunst?

“Ik denk, in algemene termen, dat mensen aan de ene kant op zoek zijn naar instant bevrediging. Aan de andere kant zoeken ze meer en meer verdieping in een wereld waarin vluchtigheid en eigenbelang voorop lijkt te staan. Ik denk dat kunst niet alleen troost kan bieden, maar ook kan onthutsen. Het is niet alleen maar rozengeur en maneschijn in de kunstwereld. Er worden onderwerpen aangesneden die minder plezierig zijn. Die stemmen tot nadenken en misschien leiden ze daardoor tot een andere conclusie. De samenleving is steeds meer uit kortstondige kennismomenten gaan bestaan: iedereen wil snel succes hebben. Maar je kunt ook tevreden zijn op een vierkante centimeter, dat moet je leren.”

Als u aan de kunst denkt die u raakt, wat zegt die kunst dan over u?

“Dat hangt sterk samen met hoe ik ’s ochtends ben opgestaan, of ik een biertje op heb of niet, of ik ruzie of juist een heel goed gesprek heb gehad. Je bent nooit blanco, maar op het moment dat je ergens voorstaat, begint er iets. Ik vind zelf dat het museum een soort reservaat voor kunstwerken is: je zou ze het liefst in de dagelijkse wereld tegenkomen, maar kennelijk is dit nu een model waarmee we het moeten doen. Uit de meest merkwaardige disciplines of materialen kan iets ontstaan dat er nog niet was, dat een beeld schetst van wie wij zijn. Cultuur is het dunste laagje om ons heen, maar het maakt ons tot wie we zijn.”